![]() |
|
|
de leeswelp, 2009, nr. 8 / november
Martha Heesen : Mijn broer, de nieuwe en ik
door Jet Marchau
De boekenjongens, en bij uitzondering boekenmeisjes van
Martha Heesen, zijn zo’n negen of tien jaar, soms iets ouder, en altijd zijn ze
wat zorgelijk en bekommerd om hetgeen rondom hen gebeurt. Zo ook Toon in Mijn
broer, de nieuwe en ik. Toon is tien en zijn broer Jan twaalf. Hun thuis moeten
ze delen met opvangkinderen, over wie hun moeder zich korte of langere tijd
ontfermt. Voor Toon en Jan is dit vaak balen: “toen ze vertrokken was vroegen
mijn broer en ik toch aan onze ouders of ze alsjeblieft voorlopig geen
pleegkind namen. We hadden er een beetje genoeg van om ze steeds maar met
vreemde kinderen te moeten delen.” Maar protest helpt niet: “Zeur niet! Jullie
hebben alles. Alles!” Toon bekijkt dat ‘alles’ met kritische blik: het gepraat
bij hem thuis, “niet over m’n broer en al helemaal niet over mij, want wij zijn
niet ingewikkeld genoeg”, hun ‘mooie’ huis: “een krakende oude kast met een dak
waar de wind doorheen giert”, hun geld, “altijd zuinig doen en nooit wat
weggooien en nooit duur eten [...] en zakgeld van niks waar je dan ook nog voor
moet afwassen”. Daarenboven komt zijn volgens hem allesbehalve alledaagse
familie. […]
U kunt de volledige tekst lezen in de leeswelp, 2009, nr. 8 / november.Querido Amsterdam, 2009, 101 p., € 12,95. ISBN 9789045109831. Distr.: WPG Uitg. Bestel dit nummer of abonneer u op de Leeswelp
|
|
||||||||
| © 2010 | vlabin-vbc vzw | another cms by dataweb |